Hendrick Beusinck

Uit Heerlijkheid Bredevoort
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Hendrick Beusinck, gedoopt te Winterswijk op 21 augustus 1661, zoon van Geert Boesinck en Trijnken Oesinck, ondertrouwde te Winterswijk op 9 oktober 1698 met Kunera Meijs.

Kinderen

  1. Catharijna Elijsabeth Beusinck, gedoopt te Winterswijk op 1 januari 1701.

Biografie

Op 24 april 1701 verschijnt zijn vrouw voor het Bredevoortse gerecht. Zij vertelt dat haar man 9 à 10 dagen geleden van huis gegaen is om sijn coopmanschap en bedrieff te verrighten, dogh tot heden toe niet wedergekomen. Zij vreest daarom dat hem eenigh misval sal overkomen wesen. Zij is onwetend over haar inkomende en uitstaande schulden, te meer omdat haar man zijn rekenboek heeft meegenomen. Om te voorkomen dat ze in de problemen raakt verzoekt ze dat haar vader Gerrit Meijs en oom Hendrick te Bengevoort als curatoren over de boedel van haar man mogen worden aangesteld. Zij zullen ook een inventaris opmaken. Het gerecht staat het verzoek toe. Bron: ORA Bvt inv.nr. 434 fol. 49, 49v.

Blijkbaar had zijn vrouw zich echter voor niets zorgen gemaakt want op 27 juli 1701 verschijnen zij samen voor het gerecht. Zij dragen al hun gerede en ongerede goederen op om al hun vorderingen te voldoen. Zij vragen of een curator over hun boedel kan worden aangesteld. Het gerecht stemt in met het voorstel en benoemt Hend: ten Bengevoort en Jan Eppenhof als crediteuren.