Jan Cornelissen huis

Uit Heerlijkheid Bredevoort
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Jan Cornelissen huis lag in Bredevoort.

Ligging

16 november 1661:

  • behuijsing binnen Bredefoort
  • tusschen des Lieutenandts Moch offte Dassels ende zal. Evert van Aeltens haere behuijsingen situirt ende gelegen

9 december 1662:

  • behuisinge so dieselvige alhier binnen Bredevoort,
  • met den eene sijde tuschen des Lieutenants van Dassels behuisinge is gelegen,
  • ende d'ander op Jan Wilhelmsen Weddinck gekofte andere halfte ant selvige huis schietende

Eigenaren

  • Tot 16 november 1661: Kinderen van Jan Cornelissen (helft), tamboer
  • Vanaf 16 november 1661: Jan Willemsen Weddinck (helft)
  • Tot 9 december 1662: Anneke Jacobsen wed. Frans Jacobsen vaandrig
  • Vanaf 9 december 1662: Tonnis Henrickx

Vermeldingen

  • 16 november 1661:
    Erscheenen Willem Coijers met weten Berendt Coijers als bloetmombaers - ende hijrtoe tott deese administratie erkoren - van die naegelaeten kinderen van wijlen Jan Cornelissen Tambour onder die Compagnie van den Hochedelgebohren Gestrenge Gooswijn Wilhelm van der Lawick die bekande in bijwesen Cornelis Janssen als oudsten sohn van zal. Jan Cornelissen voor ende tott proufijt der voorn. Kinderen, dessen curateele voorsorge sij sich gedragen voor eene welbetaelde summa geldes rechtes steden ende onwederroeplicken erffcoops vercofft te hebben an Jan Willemsen Weddinck ende sijne naecomlingen d'halffscheijdt van eene behuijsing binnen Bredefoort tusschen des Lieutenandts Moch offte Dassels ende zal. Evert van Aeltens haere behuijsingen situirt ende gelegen, met sijnen toegehorigen pertinentien recht ende gerechtigheit voor doorschlechtig kummervrij, uijtgesondert Jairlicken thijns soo sijn Hochheit van Orangen daruijt treckt als 10 1/2 str., neffens behoorlicke Heeren lasten. Deeses in maeten voors. erfflick gecediert ende uijtgegaen darop mit handt, halm ende monde gerenuntieert, gelaevende vercooperen in qualite voors. deesen koop te wachten ende te wahren als men erffcoop schuldig, bij veronderpandongh haerer goederen om in cas van evictie nae Landtrechte hijran sich te verhaelen, sonder argelist.[1]
  • 9 december 1662:
    Erschenen Lubbert Schoemaecker ende bekande kracht Volmacht voor desen Bredevor(t)schen Gerichte ende onder handt des Hr. Lantschrijvers Johannis Wisselinck in dato den 28. Aprilis 1655 op hem Comparant van Anneke Jacobsen weduwe van zal. Frans Jacobsen, vaendrich onder die compagnie van den Hr. Capitein Ploos, gepasseert, in eenen steden vasten ende onwederroepelijcken erfkoop eewich ende erflick geduerende verkoft ende overgelaten 't hebben voor eene welbetaelde summa geldes an Tonnis Henrickx sijn huisvrou ende erven, seeckere behuisinge so dieselvige alhier binnen Bredevoort, met den eene sijde tuschen des Lieutenants van Dassels behuisinge is gelegen, ende d'ander op Jan Wilhelmsen Weddinck gekofte andere halfte ant selvige huis schietende, voor doorslechtich ende commervrij, uitgenomem 10 strs ende een halff thiense an den tijdtlijcke Rentmeester van des Hoocheits domeinen jaerlijckx te betalen, alles luit coopcedul daer van opgericht, hebbende 't selvige met hant, halm ende monde vertegen, verner waer ende waerschap na Landtrechte te praestijren belooft, alles sonder fraud ende argelist[2]

Bronnen

  1. ^ ORA Bvt, inv.nr. 422 fol. 43
  2. ^ ORA Bvt, inv.nr. 423 fol. 45v